Total

Total

Roeiteam Total, Veere

Sloep 'In de Olie'

Lid van de Zeeuwse Federatie Sloeproeien

Deze roeiclub is een zogenaamde subclub van de personeels vereniging van de Total Raffinaderij Nederland N.V. te Vlissingen. De club beschikt over een “Kuyken” whaler "In de Olie"" en roeit vanuit het historische stadje Veere.

De club heeft een ledenbestand van zo’n 30 leden, enkele van ons vertoeven voor hun werk vrijwel continue in het buitenland. Ook hebben we enkele Franse leden waardoor we ons internationaal mogen noemen. De club is opgericht in 1992, maar eigenlijk zijn we gestart op 7 december 1991.

Onze historie
In 1991 zocht een van onze leden naar een sport waarbij hij kon zitten en varen, maar toch sportief bezig te zijn. Hij had al een jaar ervaring met het sloeproeien vanwege zijn opleiding aan de hogere zeevaartschool in Vlissingen. Bij de Total raffinaderij in Vlissingen werken ook veel oud leerlingen van deze school en allicht zijn er nog mens met een maritieme achtergrond of interesse. Hier moest dus potentie zijn voor een roeiclub.
De gedachte was, heb je roeiers dan heb je ook wel een sloep. Per slot van rekening hebben we een paar maritieme opleidingsinstituten in Vlissingen en die hebben een botenhuis aan het kanaal door Walcheren en daar liggen een aantal sloepen. Ook bleek er nog een oud klasgenoot leraar op een van die scholen te zijn die ook nog leraar was voor het sloepgastdiploma. Die was heel enthousiast voor onze plannen en die had ook geen moeite met het uitlenen van een sloep.
Op 7 december 1991was het zover. Een koude zaterdagmorgen. We verzamelden ons bij het botenhuis en ja, we hadden de goede sleutel en we konden ook nog bij de riemen. Een van ons wierp zich op als trainer. Hij was per slot van rekening ooit stuurman geweest en zo gingen we van start. Allereerst door de havens en het kanaal om de techniek eigen te worden.
Zo hebben we een aantal zaterdagen geoefend terwijl de club groeide en we zelfs met een tweede en soms zelfs met een derde sloep op zaterdagochtend richting Middelburg gingen. Zo’n tocht van ongeveer 12 kilometer heen en terug vulde onze gehele ochtend en we hadden nog elk half uur een rustpauze nodig. We gingen al gauw uitkijken naar een eigen sloep. Stad en land hebben we afgebeld, gefaxed en zelfs gereisd. Weinig sloepen voor een bescheiden prijs. Dit betekende dat we onze eerste wedstrijd, de Amsterdamse grachtenrace, in oktober 1992 in een gehuurde sloep van de hogere zeevaartschool van Rotterdam roeiden. Een 14 mans sloep met een 10 kilo bananen, 90 flesjes AA drank en ongeveer 2 kilogram druivensuiker aaneen stuk. We hadden van ervaren roeiploegen vernomen dat je goed voorbereid moest zijn. Ondanks de regen en de gedurende de race steeds dunner wordende riemen (door de regen vermaalden ze in de dollen tot pulp) werd het een leuke race en besloten we ons sterk te maken voor de HT.

Onze sloepen
Dit betekent wel dat je een sloep moet hebben. De ploeg van het toenmalige Hoechst Holland bood ons hun “Spijkerplaat” te koop aan. Zij wilden een nieuwe boot laten bouwen. Deze sloep werd onze “Lloyd Filemon” genoemd naar een lid die ons voor zijn naam op de boot wekelijks een doos bier beloofde. Onze ligplaats werd “Het Zilveren Schor”, dit was een vormingscentrum met haven aan het Veersemeer. We deelde daar een clubhuis met de roeiploeg van Hoechst Holland, een bar genaamd “de zuipschuit”.
Onze eerste race werd de “Paddeltje race” in Vlissingen, gevolgd door de “Noordzeekanaalrace”in IJmuiden om uiteindelijk ons voor te bereiden op de HT.
Met deze sloep hebben we onze eerste HT geroeid. De barre tocht van 1994 met veel uitvallers. Wij niet, waardoor we een behoorlijke klassering behaalden. Karakter, dat mogen we ons wel toedichten.
Door een ongelukkige manoeuvre viel een vrachtauto met een kraan door de bodem van onze sloep toen we hem in Vlissingen voor een roeiwedstrijd tijdens Sail Vlissingen (juli 1995) te water lieten. Vernielde doften, gekraakte spanten en een gat in de bodem betekende (bijna) een roemloos einde. Ons karakter bleek weer daar we een sloep zagen hangen aan een van de veerboten van de PSD (veerdienst Westerschelde). Na een paar telefoontjes werd de sloep van de veerboot gestreken en konden we toch aan de race deelnemen. Zo werd voor ons de sloepenrace tijdens Sail Vlissingen, bij een temperatuur van 27 oC en een aanlanding op het bomvolle strand met een geleende sloep met kromme riemen, een fantastisch spektakel.
Onze plannen voor de Great riverrace in Londen kwamen wel op de tocht te staan. Hoewel we volop met de reparatie van onze “Lloyd Filemon” bezig waren kwamen we onder tijdsdruk daar de reis al geregeld was. Dankzij inventiviteit van de leden werd een stokoude aluminium sloep (1936) gevonden op een werfje in Hansweert. Daar lag de sloep al tientalle jaren. De sloep werd gestraald, gespoten voorzien van doften en een voor en achterplecht (hout van de snijtafels van ons bedrijfsrestaurant), er werd een roer gemaakt en verstelbare voetsteunen, kortom in de maand augustus werd een stokoude verveloze sloep omgetoverd tot een glanzende witte dame die we de oorspronkelijke naam “Jutlandia” hebben gegeven. In september werd deze dame de blikvanger van de Great riverrace in Londen.
Tussentijds hebben we in 1997 de jubileumtocht (Abel Tasman jubileum) van Amsterdam naar Terschelling geroeid. Helaas bleek op het onstuimige IJsselmeer de geleende overnaadse antieke spiegelsloep “Schorpioen” van de Stichting “Ramschip Schorpioen” niet bestand tegen de korte golfslag bij een straffe noordenwind van 6 tot 7 Beaufort. De spanten braken en de gangen kwamen los. Uiteindelijk moesten we na 6 uur ter hoogte van Edam opgeven. We moesten nog 20 kilometer. Dit kon de sloep niet meer houden. Toen hebben we om moeten geven. Dat deed pijn. De dag erop hebben we de etappe Enkhuizen naar Harlingen niet geroeid. Maar in Harlingen wachtte ons de “Jutlandia”die nog gesleept moest worden vor de C waarde. Met deze sloep hebben we bij stralend weer met windje in de kont een “ouwe wijven” HT geroeid.
Met deze sloep hebben we tot juni 1998 gevaren, totdat we bij aanvang van de HT onze huidige sloep moesten verhalen om die van ons vrij te krijgen. Die was lekker licht. Een man riep vanaf de wal. “Kopen?”
“ Wat vraag je ervoor?” riep een van ons. De man was de eigenaar. Een middenstander van Vlieland. De roeiploeg die erin roeide was een damesploeg. Die ploeg moest uitkijken naar een andre sloep want die middenstander wilde van z’n sloep af.

Binnen een paar weken was de sloep van ons. We besloten haar “In de olie” te noemen. Vooral vanwege onze relatie met dit product.

Onze leden
Onze club bestaat uit roeiers die vooral streven naar een gezonde vrijetijds besteding, een manier om je te ontladen, plezier te hebben en ook noch een sportieve prestatie te leveren. Een gemengd team, dus mannen en vrouwen en ook nog een internationale bezetting. Onze leeftijden varieren van in de twintig tot in de vijftig. We trainen in de winter vrijwel elke zaterdagmiddag vanaf 16:00u waarna we in de jachtclub (ons thuishonk0 nog een oorlam nemen tijdens de evaluatie. Sterke verhalen, humor en kameraadschap komen daar tot uiting In de zomer trainen we de vrijdagavond vanaf 19:00u. Het zomer- en winterprogramma wordt bepaald door het ingaan van zomer- of wintertijd. Onze trainingsduur is ongeveer 1 ½ uur.

Onze favoriete wedstrijden
Ons wedstrijdprogramma is meestal als volgt:

  • Begin april “Paddeltjerace” Vlissingen (lekker ruig op zee)
  • Eind april “Noordzeekanaal” IJmuiden (een pracht training)
  • Mei “Harlingen Terschelling” (traditioneel de koningin der races)
  • Augustus “Mosselrace” Yerseke (mooi, feestelijke en smakelijk)
  • September “Veersemeer dag en nacht” Kortgene (spectaculair)
  • Oktober “Amsterdamse Grachtenrace” (blijft een belevenis)

De sprintwedstrijden in Antwerpen vinden we ook leuk, maar laten we vaak schieten daar zij dit de laatste jaren direct na de HT inplannen.