Het verhaal achter de nieuwe route van RonDom..... de natuur in Utrecht!

28-03-2013 07:11

Schrijf je snel in voor de laatste plekken!

Als organisatie van de ronDom willen we sloeproeiend Nederland graag inzicht geven waarom we de route van de ronDom dit jaar hebben vernieuwd, en waarom we starten op de Kromme Rijn. We willen jullie graag het natuurschoon rondom Utrecht laten zien, waar wij altijd van genieten tijdens de langere trainingen.

Lees daarom hieronder de memoires van een beruchte oud-roeier en schrijver van Utrecht, over roeitrainingen op de Kromme Rijn. En dan weet je dat je je zo snel mogelijk moet inschrijven voor de laatste plekken van de ronDom 2013 op 13 april!

 

Je kunt je aanmelden op: http://www.aanmelder.nl/rondom2013

 

Natuur in Utrecht, de Kromme Rijn

We kunnen het natuurlijk gaan hebben over de oude Romeinen en hoe ze hier, langs de Kromme Rijn, de grens van hun Romeinse Rijk bewaakten, met forten en wat al niet. Maar meestal waren mijn gedachten elders.

Dus laten we wat minder ver teruggaan in de tijd, toen ik een beginnend roeiertje was en Arjen Dunant nog stuurman, of soms Rubert, als Arjen niet kon. Ik begon net met trainen en meestal gingen we niet verder dan een stuk de singel op, zo ongeveer tot de Van Asch van Wijckskade en dan weer terug. “Rondje Gracht” klonk als een droom die ooit misschien eens waar zou worden. En dan was er nog de Kromme Rijn, met geheimzinnige namen als Eerste Bosrand, Tweede Bosrand en, heilige der heiligen, Het Theehuisje. Ik geloof niet dat ik het in mijn eerste jaar gezien heb.

Maar later dan toch de Kromme Rijn op, door die smalle rotgoot met stroming tegen, langs woonboten en fietswrakken, achter het Pieter Baancentrum langs, even zwaaien naar de inmates, en verder maar weer. Om het stadion heen en daar had je al het gevoel dat je de stad uit was. Onder de A27, waar je aan de echo zo goed kan horen of het gelijk gaat en daar was je dan, buiten de stad. Nog steeds het geluid van de snelweg, maar ook koeien, riet, vogels en de vrije lucht boven je. Hoe ver was het nog naar de eerste bosrand? Nog een stukje verder, even de riemen over en een stukje laten drijven, een slokje drinken, wat slap ouwehoeren, staren naar de wolken, staren naar de kringetjes in het water, even de stad uit.

Ja, Utrechtse roeiers zijn echte natuurliefhebbers, die het liefst van de natuur genieten in haar pure, onbedorven staat. En natuurschoon komt voor Utrechtse roeiers in vele vormen. En sommige van die vormen zijn niet goed voor de concentratie. Maar hoe lang is het niet geleden dat de stuurman, Arjen, of soms Rubert, zei: “Ogen in de boot!” En dat het dan ook echt de bedoeling was dat er geconcentreerd doorgeroeid werd. De rug van degene voor je, of de punt van zijn roeiriem, dat was genoeg om naar te kijken. Al gauw werd het commando “Ogen in de boot” het sein om toch vooral eens uitgebreid rond te gaan kijken wat er dan wel niet te zien was. Natuurschoon, meestal. In al zijn vormen, vaak de moeite waard. Een zinloos commando dus, en het werd al gauw vervangen door de kreet “Blond op de kade!”, meestal vanaf de boeg, waar de roeiers kennelijk tijd genoeg hadden om wat rond te kijken.

En hoewel natuurschoon in vele vormen komt, valt er toch een indeling in twee categorieën te maken: Natuurschoon waarbij er een lachje vanaf kan en natuurschoon waarbij er geen lachje vanaf kan. Dat lachje had vaak het effect dat we nog wat beter ons best gingen doen, meestal met desastreuze gevolgen: nog erger ongelijk dan het al was. Nou ja, niks aan te doen, verder maar weer. Dat kan beter, dacht Yuri, en jawel hoor, daar was hij dan, voluit over het water schallend: “Je moet niet lachen, je moet je tieten laten zien!” Ja, mooi niet dus, en beter gingen we er niet van roeien, maar een nieuw stukje Utrechtse roeitraditie was geboren.

En wie herinnert zich niet die avond op de Kromme Rijn, hoog voorjaar, windstil, gouden licht. Zachtjes plonzen de riemen in het water, het gaat best gelijk. De stuurman is mild gestemd, als het een pijproker was geweest, had hij een pijpje opgestoken. Hij ouwehoert wat met de slagroeiers, corrigeert af en toe één van de beginners, bijna voor de vorm, want het gaat best goed. Zacht plonzen de riemen en zo schuiven we de Kromme Rijn over, onder de snelweg door, langs de koeien, het riet, de vogels en de vrije lucht. Eerste bosrand gehad, onder de bomen, op weg naar de tweede bosrand, het theehuisje zullen we wel niet halen vandaag. Bij Amelisweerd het gazon langs het water en onder een boom een jongen en een meisje, samen op het gras. Dekentje, flesje wijn erbij. Het avondlicht filtert door de bomen door, schaduw en gouden licht. Van onder de brug nadert een roeisloep, regelmatig het plonzen van de riemen. De stuurman groet, het meisje lacht even. En als uit één keel klinkt het: “Je moet niet lachen, je moet je tieten laten zien.” En ja hoor, daar kwam ze, natuur in haar pure, onbedorven staat. De helft van de boot joelend, de andere helft toch beduusd. “Haar vriendje keek niet blij,” zei Yuri nog.

Meer informatie over natuur langs de Kromme Rijn?

Kijk op: www.utrechtslandschap.nl/?RubriekID=2026

 

Ingezonden door de organisatie van Grachtenrace Utrecht RonDom

 

 

—————

Terug